Duistere openbaringen schreef: "Het zou eerder een technologie zijn die zich aanpast naar de wensen van de kijker, maar dan zal het geen film meer zijn zoals we die kennen. Een evolutie van de film of iets geheel anders gebaseerd op onze gemoedstoestand? En is dat misschien niet gewoon het innemen van hallucinante drugs? Waar verdwijnt de lijn tussen fantasie en realiteit?"
Misschien een beetje off-topic,maar dit is een zeer interessant thema dat je aanroert. Ik denk dat de lijn tussen fantasie en realiteit geleidelijk verschuift; soms langzaam, soms snel. Er is beslist sprake van een evolutie waarbij je moet denken aan veranderende concepten en experimenten. Experimenten kunnen twee dingen opleveren: of ze sterven een stille dood, of ze vinden ingang en worden uiteindelijk gemeengoed (nadat men overigens niet zelden in eerste instantie tegen het voorhoofd heeft getikt). Het mooiste voorbeeld hiervan vind ik persoonlijk nog de intrede van stereo. In 1960 werd het eerste stereofonische hoorspel van Nederland uitgezonden. Hoe werkte dit? Om stereo te beleven, moest je twee radio's hebben. Door een uniek samenwerkingsverband tussen de KRO en de AVRO kwam het volgende tot stand: de KRO zond via Hilversum 1 zogezegd het linker-kanaal uit en de AVRO via Hilversum 2 het rechter-kanaal. Die twee radio's zette je dan in de huiskamer neer zoals je dat tegenwoordig doet met twee luidsprekerboxen. En inderdaad... men kon in stereo luisteren. Je hoorde links Pietje wat vragen en rechts antwoordde Jantje. Links hoorde je een vrachtauto starten die op gang kwam en die via het rechterkanaal weer verdween. Technieken die nu dus heel gewoon zijn. Daags na de uitzendig verscheen er een kritische beschouwing in de krant waarvan de slotconclusie ongeveer iets was in de trant van: "Ik geloof niet dat Nederland nou zit te wachten op uitzendingen waarbij je ineens uit onverwachte hoeken, links en rechts, allerlei geluiden hoort opduiken." Echter luttele jaren later zouden allerlei popgroepen platen maken waarin het stereo-effect juist optimaal werd toegepast. "Het is stereo en dat zul je horen ook" leek de teneur. Je hoorde links iets beduidend anders dan rechts. Nu moeten we niet meer DENKEN aan het saaie mono. Voor film-technieken - want daar hebben we het tenslotte over - geldt natuurlijk precies het zelfde. Veronica voerde (volgens mij ergens in de jaren '90) een soortgelijk experiment uit waarbij je twee TV's nodig had. Er werd een actie-film uitgezonden waarbij je op het ene scherm camera-standpunt a zag en op het andere dus camera-standpunt b. Op zich niet zo bijzonder in technische zin want dit is natuurlijk wat men ook in een regiekamer ziet als men bijv. bij live-uitzendingen verschillende camera's volgt en daaruit de beelden selecteert die de kijker dan te zien krijgt. Maar als experiment voor de kijker in de huiskamer wel geslaagd. Ik vond het zelf trouwens wel wat vermoeiend om het te volgen maar dat zal ongetwijfeld te maken hebben met het feit dat je in het dagelijkse leven slechts indrukken krijgt vanuit één gezichtspunt. (als je vanuit het zuiden kijkt naar een bosbrand, dan zul je nooit kunnen zien wat iemand ziet die op dat moment vanuit het westen daarnaar staat te kijken). De wensen van de kijker zullen ook steeds meer openstaan voor andere aanpakken (waarbij jij geheel terecht iets opmerkt over de gemoedstoestand en waaraan ik het begrip "veranderende perceptie" zou willen toevoegen) Natuurlijk zul je altijd mensen houden die roepen dat een verandering nog geen verbetering hoeft te betekenen, maar je moet wel een beetje de zon in het water kunnen zien schijnen. De film(techniek) zal op den duur ongetwijfeld veranderen, maar het begint altijd met die ene vraag: "Waarom en vooral HOE breng je iets in beeld?" Eigenlijk is het maken van een film (waarbij experimenteren heel nuttig kan zijn) nog veel leuker dan het kijken ernaar. Maar dat is slechts de persoonlijke mening van ondergetekende.
Met vriendelijke groeten,
John.